04/05/2014, Marlies Robert, Cobra.be, Quarante-et-un

Print Friendly, PDF & Email
 Twee acteurs richten zich tot het publiek. “Vindt u de voorstelling goed?” Stilte. “Vindt u de voorstelling mooi?” Enkel geschuifel, gekuch en gelach. De twee acteurs verlaten de scène, het publiek weet niet of het zonet onbeleefd dan wel gepast gereageerd heeft. Niemand kan eromheen dat Transquinquennal met ‘Quarante-et-un’ zijn doel bereikt: schoonheid expliciet en impliciet in vraag stellen. Dat maakt van de voorstelling een verrijkende ervaring.

Schoonheid in zijn blootje gezet

Dertien acteurs en eenenveertig scènes, allemaal netjes genummerd. Het publiek wordt geconfronteerd met situaties die soms lichtjes absurd, soms alledaags en herkenbaar zijn. Waarom staan we allemaal te gapen naar een regenboog? Is naaktheid mooi? Kan iets tegelijkertijd mooi en verschrikkelijk zijn? En wat met de dood? Het is aan de toeschouwer om zelf antwoorden op deze vragen te vinden.

Het eenvoudige decor bestaat uit enkele gekleurde, doorschijnende panelen en de acteurs creëren met schaarse attributen telkens opnieuw hun eigen universum. De lineaire structuur van het stuk gaat geen enkele keer vervelen. Humor, sereniteit en tristesse wisselen elkaar vloeiend af,waardoor de slotscène onverwacht snel aanbreekt. De aaneenschakeling van verrassende en indringende taferelen had best nog even mogen doorgaan.

Transquinquennal is een Brussels theatercollectief dat in 1989 werd opgericht. Sinds 1994 al zijn ze een vaste waarde op het Kunstenfestivaldesarts en dit jaar staan ze met Quarante-et-un voor de zesde keer op de affiche. Bernard Breuse, Miguel Decleire en Stéphane Olivier bewijzen dat dit terecht is.

Quarante-et-un is een atypische voorstelling die mensen hopelijk ook buiten de theaterdeuren blijft uitdagen om de dagelijkse omgeving op een bewustere manier te observeren. Blijf na de uitgebreide applausronde trouwens nog even rustig zitten voor een geanimeerd onderonsje met de drie theatermakers. Stel de juiste vragen en ze geven zich helemaal bloot.

Marlies Robert